
Real Madrid bij AC Milan, Barcelona bij Internazionale, het zal allemaal wel. Toen er eind augustus werd geloot voor de groepsfase van de Champions League, hoopte ik op maar op één ding: Arsenal in de poule van AZ. Tevreden zag ik dan ook dat mijn wens uitkwam. Het zoeken naar een kaartje was moeilijk. En de avond was onvergetelijk, maar wel op een heel vreemde manier…



Van voetballers wordt vaak gedacht dat ze niets anders kunnen dan tegen een bal aan trappen. Fout! Morten Gamst Pedersen, een Noorse middenvelder van Blackburn Rovers, bewees zaterdag het tegendeel.
Tja, hoe zal ik beginnen? De beelden zeggen eigenlijk genoeg. Eduardo Alves da Silva is mijn nieuwe Arsenal-held, want vanmiddag scoorde de Braziliaanse Kroaat een doelpunt zoals je ze maar weinig ziet. Tegen Burnley volleerde hij de bal op magistrale wijze in de kruising. Voorzet van Alex Song, geen buitenspel voor de inlopende Eduardo, die het leder met links tegen de touwen duwt. Achteloos, met de buitenkant, of nee, bijna de hak van zijn linkerschoen. Alsof het hem geen enkele moeite kostte.
Het is 11 december 1886. Op een koud trapveldje aan de Glengall Road in het oosten van Londen hollen 22 onbekende voetballers achter een bal aan. Eén van de twee teams zou uitgroeien tot één van de grootste voetbalclubs ter wereld. Little did they know…



